zondag 12 december 2010
woensdag 1 december 2010
Utrecht
Afgelopen vrijdag was ik naar de open dag van de Universiteit Utrecht, samen met mijn moeder. Eerst had ik om 10.00 studiekeuze workshop, maar ik besloot dat ik dat eigenlijk helemaal niet nodig had, en mijn schema zat zo vol dat ik liever nog ergens anders ging kijken. Daarna gingen we dus met de bus naar het grootste gebouw waar de meeste studies zitten: de Uithof. Daar zit ook een enorme bibliotheek en alles is heel mooi en groot, ik was erg onder de indruk! Na even rondgelopen te hebben weer met de bus terug naar het centrum, want in het gebouw op de Drift, faculteit geesteswetenschappen, moest ik zijn.
We waren op tijd, en konden dus nog even over de informatiemarkt lopen. Een jongen stond naar mij te zwaaien met een foldertje. Ik liep daar dus - ik wrong me daar dus - door de menigte naartoe. Hij bleek echt, in mijn ogen, de meest nutteloze studie op aarde te doen, Keltische taal en cultuur. Hij was helemaal enthousiast en ging mij in het oud Iers een verhaaltje over ee luie kat voorlezen. Ik vroeg hoeveel mensen dat studeerden, hij zei dat hij in het 4e jaar welgeteld één medestudent had. Ik vroeg wat je er dan mee kon worden, hij vertelde dat hij graag het academische wereldje in wilde. Maar verder eigenlijk niets. Hij was wel cool, die jongen. Ik besloot dus het foldertje mee te nemen. Bij theaterwetenschappen hadden ze een heel boekwerk om de inschrijvingen voor meeloopdagen bij te houden, dat blijkt dus een enorm grote levendige studie te zijn, waarschijnlij musicalfanaten met gebrek aan talent, net als ik. Toch trok het me niet zo heel erg. Want ja, ook hier geldt, wat kun je er dan mee? Door alle mensen eindelijk aan het einde van de gang gekomen, bij Godgeleerdheid, zoals het nu nog heet. Er stonden drie hele enthousiaste leuke meisjes waarmee ik me best kon identificeren. Op hun tafel lag één blaadje voor meeloopdagen, met één inschrijving. We kletsten wat over de studie en de disputen, en hoe leuk ze het wel niet vonden, daarna begon de algemene presentatie. We kregen een minicollege Religiewetenschap van een overenthousiaste man, maar hij vertelde het zo grappig dat het automatisch interessant was. Toen kwam de studieadviseur nog aan het woord, en was het al weer voorbij. Na een kwartiertje pauze begon ronde twee, de verdiepende presentatie. Een studente vertelde over de vakken, de indeling van de drie jaren, de mogelijkheden tot keuzevakken (TE VEEL. Ik kan nooit kiezen, je moet mij dus vooral niet te veel aanbieden want dan wil ik alles. Ik had al wel berekend dat ik Grieks doe en dat dus niet hoef te volgen, dus meer plek heb voor keuzevakken!), en ze liet ook nog een filmpje zien over 'een dag uit het leven van een student theologie'. Er was ook nog een filmpje met visies van 'buitenstaanders' over de studie theologie en godsdienst in het algemeen. Daarna gingen we alweer naar huis.
Ik weet het bijna helemaal zeker: ik ga dit studeren! Nou nog in Amsterdam kijken. (Sorry meneer Blaakmeer, Groningen vind ik toch echt te ver. Daar ga ik mijn master wel doen!)
We waren op tijd, en konden dus nog even over de informatiemarkt lopen. Een jongen stond naar mij te zwaaien met een foldertje. Ik liep daar dus - ik wrong me daar dus - door de menigte naartoe. Hij bleek echt, in mijn ogen, de meest nutteloze studie op aarde te doen, Keltische taal en cultuur. Hij was helemaal enthousiast en ging mij in het oud Iers een verhaaltje over ee luie kat voorlezen. Ik vroeg hoeveel mensen dat studeerden, hij zei dat hij in het 4e jaar welgeteld één medestudent had. Ik vroeg wat je er dan mee kon worden, hij vertelde dat hij graag het academische wereldje in wilde. Maar verder eigenlijk niets. Hij was wel cool, die jongen. Ik besloot dus het foldertje mee te nemen. Bij theaterwetenschappen hadden ze een heel boekwerk om de inschrijvingen voor meeloopdagen bij te houden, dat blijkt dus een enorm grote levendige studie te zijn, waarschijnlij musicalfanaten met gebrek aan talent, net als ik. Toch trok het me niet zo heel erg. Want ja, ook hier geldt, wat kun je er dan mee? Door alle mensen eindelijk aan het einde van de gang gekomen, bij Godgeleerdheid, zoals het nu nog heet. Er stonden drie hele enthousiaste leuke meisjes waarmee ik me best kon identificeren. Op hun tafel lag één blaadje voor meeloopdagen, met één inschrijving. We kletsten wat over de studie en de disputen, en hoe leuk ze het wel niet vonden, daarna begon de algemene presentatie. We kregen een minicollege Religiewetenschap van een overenthousiaste man, maar hij vertelde het zo grappig dat het automatisch interessant was. Toen kwam de studieadviseur nog aan het woord, en was het al weer voorbij. Na een kwartiertje pauze begon ronde twee, de verdiepende presentatie. Een studente vertelde over de vakken, de indeling van de drie jaren, de mogelijkheden tot keuzevakken (TE VEEL. Ik kan nooit kiezen, je moet mij dus vooral niet te veel aanbieden want dan wil ik alles. Ik had al wel berekend dat ik Grieks doe en dat dus niet hoef te volgen, dus meer plek heb voor keuzevakken!), en ze liet ook nog een filmpje zien over 'een dag uit het leven van een student theologie'. Er was ook nog een filmpje met visies van 'buitenstaanders' over de studie theologie en godsdienst in het algemeen. Daarna gingen we alweer naar huis.
Ik weet het bijna helemaal zeker: ik ga dit studeren! Nou nog in Amsterdam kijken. (Sorry meneer Blaakmeer, Groningen vind ik toch echt te ver. Daar ga ik mijn master wel doen!)
