RSS

dinsdag 9 juni 2009

De ballade van het ezeltje

Ik ben een ezel die wat staat te dromen,
een lastdier, zoals alle ezels zijn.
Aan zware vrachten kan ik niet ontkomen,
ik draag ze in de felle zonneschijn.

Ik wordt gedreven over smalle paden,
een zweepslag zegt mij links of rechts te gaan.
Mijn kleine lijf is altijd overladen,
en in mijn huid staan striemen van het slaan.

Ik ben de minste onder alle dieren,
ik ben een ezel, ik tel niet zo mee.
Behalve één keer toen men feest ging vieren,
toen liep ik vooraan in de optocht mee.

Ik droeg een Koning op mijn grauwe haren,
een Koning zonder scepter, zonder kroon.
Ik zie de palmen nog na al die jaren
en nu nog hoor ik: Leve Davids Zoon!

Ik ben een ezel die wat staat te dromen,
mijn oren houden stil de wacht. Misschien
Zal Hij vandaag of morgen toch weer komen
en ben ik de eerste die Hem dan zal zien.

(naar: Mattheus 21:1-11)

Dit werd een tijd geleden door de dominee voorgedragen tijdens een preek. Ik vond het zo schattig klinken! Ik zag het ezeltje al helemaal voor me... Een superzwaar leven en dan opeens heel belangrijk zijn. Daarna hoopvol wachten tot Hij nog een keer komt, echt lief vind ik dat. Dat wilde ik toch even met jullie delen!

0 reacties: